4.2 Het tariefmodel
4.2.1 Ontwikkeling Tariefmodel vanaf 2021
Vanaf 2021 werken zorgkantoren met een landelijk tariefmodel. In dit eerste model werd er voor alle zorgaanbieders over alle sectoren één reëel tariefpercentage bepaald.
Vanaf 2024 berekent het tariefmodel per sector een richttariefpercentage, waarbij zowel aantallen als marktaandeel van zorgaanbieders wordt meegenomen. Met dit tarief ontvangt minimaal 75% zowel van het aantal als van het marktaandeel van zorgaanbieders een kostendekkende vergoeding. Door een norm van 75% te hanteren geldt er voor de overige zorgaanbieders een doelmatigheidsprikkel[1].
Om meer recht te doen aan verschillen tussen zorgaanbieders zoals gevraagd door de branches en de wens voor meer tariefdifferentiatie, werken de zorgkantoren per 2027 met een verfijnd model, waarbij de zorgkantoren gebruik hebben gemaakt van de ondersteuning van een onafhankelijk adviesbureau.
Op basis van de analyse van de declaratiegegevens 2024 en jaarrekeningdata 2024 zijn zorgaanbieders in groepen (ook wel clusters genoemd) ingedeeld. Zorgaanbieders in een groep leveren dezelfde zorg en hebben een vergelijkbare bedrijfsvoering op basis van objectieve kenmerken. Niet alleen is daarbij relevant welke (soort) zorgprestaties een zorgaanbieder levert, maar ook of de ‘kostenkant’ van de zorgaanbieder vergelijkbaar is met de andere zorgaanbieders in hetzelfde cluster. In de mate van clustering is de feedback van overleggen met de branches meegenomen. Dit heeft geleid tot in totaal zeven clusters.
4.2.2 Verfijnd Tariefmodel
Per 2027 hanteren zorgkantoren een beleidsmatig verfijnd tariefmodel. De verfijning betreft het corrigeren van het model voor de NHC/ NIC component en een clustering van vergelijkbare zorgaanbieders. Met dit laatste punt willen zorgkantoren meer recht doen aan de verschillen die bestaan tussen typen zorgaanbieders in verschillende sectoren.
Corrigeren voor NHC/ NIC component
Als gevolg van de uitspraak van het Hof[2] hebben zorgkantoren (met terugwerkende kracht) het saldo van de financiële baten en lasten toegevoegd aan het rekenmodel. Hierdoor ontstond een overlap, een deel van die lasten werd namelijk óók vergoed via het 100% tarief voor NHC/NIC. Zorgkantoren hebben ervoor gekozen om – met de ingang van het nieuwe beleid deze overlap eruit te halen door het model te corrigeren voor de NHC/ NIC component, om hiermee ook recht te doen aan de doelmatigheidsopdracht die zorgkantoren hebben.Clustering van vergelijkbare zorgaanbieders binnen sectoren
Binnen een sector worden vergelijkbare zorgaanbieders geclusterd. Een zorgaanbieder wordt toegedeeld naar de sector waar de landelijke omzet het grootste is.
De clustering ziet er per sector als volgt uit:
Vervolgens berekenen we per cluster het vertrektariefpercentage. Op deze manier kunnen zorgkantoren reële tarieven afspreken, die beter passen bij het type zorgaanbieder. Het verfijnde model is verder toegelicht in het document ‘Onderbouwing vertrektarieven per cluster Wlz’ (zie bijlage 7 van de landelijke inkoopdocumenten).
Voor de berekening van de vertrektariefpercentages zijn de laatst beschikbare jaarverslagen van de zorgaanbieders nodig. Voor de vertrektariefpercentages 2027 betreffen dit de beschikbare jaarverslagen 2025. Deze jaarverslagen worden pas op 1 juni gepubliceerd. Dit betekent dat de vertrektariefpercentages 2027 pas na deze datum berekend kunnen worden en daarom uiterlijk op 4 september 2026 gepubliceerd worden. Dan zal ook een nieuwe versie van bijlage 7 van de landelijke inkoopdocumenten gepubliceerd worden.
In het proces van de Nota van Inlichtingen kunnen zorgaanbieders vragen stellen over de wijze waarop de vertrektariefpercentages 2027 berekend worden. Na publicatie van de vertrektariefpercentages 2027 kunnen zorgaanbieders bezwaren uiten tegen de hoogte van de vertrektariefpercentages 2027 en de (wijze van) totstandkoming daarvan. Hiervoor geldt een vervaltermijn van 20 kalenderdagen.
Het staat zorgaanbieders vrij om binnen deze termijn mee te delen dat zij hun inschrijving niet langer gestand doen naar aanleiding van het op 4 september 2026 gepubliceerde vertrektariefpercentages 2027.
Het vertrektariefpercentage is voor de zorgkantoren een gezamenlijk uitgangspunt voor de inkoop. Het is geen minimum- of maximumtarief. Zorgkantoren kunnen zowel een hoger als een lager tariefpercentage afspreken.
Zorgaanbieders waarvoor het geldende vertrektariefpercentage aangevuld met eventuele regionale aanvullende afspraken op basis van dit beleid aantoonbaar niet kostendekkend is kunnen een beroep doen op de hardheidsclausule (zie paragraaf 4.3.3).
4.2.3. Landelijk cluster/ Zorgaanbieders met cliënten in meerdere sectoren
Zorgkantoren spraken af dat zorgaanbieders landelijk op basis van omzet worden geclusterd en ook landelijk in hetzelfde cluster worden gecontracteerd. Wij sturen op 1 juni aan alle gecontracteerde zorgaanbieders een mail met vermelding van de sector en het cluster waar de betreffende zorgaanbieder is ingedeeld. Als dit cluster afwijkt van de verwachting, neem dan voor 1 juli 2026 contact op met uw zorginkoper. Voor enkele zorgaanbieders leidt dit tot een verschuiving van de sector waaronder de zorgaanbieder gecontracteerd wordt. De prestaties bij sectorvreemde indicaties worden vergoed voor het door de zorgaanbieder afgesproken (eigen sector) percentage.
Voor in 2026 nieuw gecontracteerde zorgaanbieders zonder realisatie bepaalt het zorgkantoor op basis van de inkoopafspraken met de betreffende zorgaanbieder het cluster voor 2027.
4.2.4 Bepaling van de tarieven inclusief NHC/NIC
Wij berekenen per prestatie een tarief, dat gebaseerd is op twee componenten: zorg en de NHC/NIC. Het tarief voor zorg is vastgesteld met inachtneming van hetgeen wij in dit zorginkoopdocument hebben bepaald.
Het inkooppercentage van de NHC/NIC component blijft voor de komende beleidsperiode 100%.
Tarief = (vertrektarief % inclusief aanpassingen x component zorg in het tarief) + (100% x NHC/NIC)
- 1ECLI:NL:GHDHA:2024:199, Gerechtshof Den Haag
- 2ECLI:NL:GHDHA:2024:199, Gerechtshof Den Haag